28 januari 2020

Onderhoud aan trommelremmen

De afgelopen weken ging fietsen steeds moeilijker. Nu is het een algemeen gegeven dat de snelheid er in de winter wat uitgaat. Het materiaal is stugger, de spieren zijn strammer, en het hoofd is soms half in winterslaap.

Maar nu ging het de laatste tijd wel erg moeilijk. Het probleem lag in dit geval niet op het psychische vlak, maar het was een mechanisch defect: elke keer nadat ik de remmen even had gebruikt, kwam de fiets met piepende trommelremmen weer moeizaam op gang. Conclusie: vastlopende trommelremmen.

Nu had ik al eerder onderhoud aan de trommelremmen moeten uitvoeren, maar dat had ik altijd in de zomer kunnen uitplannen. Ik kom er nu niet onderuit om het in de winter te doen, want ik wil niet nog een paar maanden met aanlopende remmen doorploeteren. Het probleem is alleen dat ik geen verwarmde ruimte beschikbaar heb om de klus uit te voeren. Ik moet de operatie buiten uitvoeren, en dit houdt in dat het in ieder geval licht en droog zal moeten zijn. En dat was het afgelopen zaterdag.

Deken uit het schuurtje, fiets op de kant, en beginnen maar. Eerst de veerpoten los, en daarna volgen de kogelgewrichten. Wanner ik deze los plop zie ik dat er bijna geen vet meer aanwezig is. Logisch, want ik heb de gewrichten drie jaar geleden vervangen en er sindsdien niet meer naar omgekeken. Die zal ik dus ook onder handen moeten nemen.

Ik trek de wielen eruit en moet eerst de arm van de ankerplaat losweken met WD40, ervoor zorgend dat er niets op de rem segmenten terecht komt. Dan kan ik de boel loskrijgen. Ik maak de trommelremmen schoon met een staalborstel en doe wat vet op de scharnierpunten. Bloed. Ineens zit er ergens bloed aan m'n velg. Kennelijk heb ik mij ergens in m'n vinger gestoken toen ik met de staalborstel bezig was. Ik voel er niets van, want het is zo koud dat mijn vingers ondertussen verdoofd zijn. Ik heb geen zin om naar binnen te gaan en de boel af te plakken, want dan moet ik mijn handen wassen, en dan worden ze warm, en dan voel ik wél waar de pijn zit. Doorgaan dus. Nadat ik mij er van vergewist heb dat alles weer soepel scharniert, zet ik de fiets weer in elkaar. Met elke handeling laat ik wat bloedsporen achter. Het wordt al met al een bloederig klusje.


De volgende ochtend is het tijd voor een proefrit. Alles liep weer als vanouds. Bij gebrek aan een zonsopkomst heb ik maar wat foto's gemaakt van het licht van de kassen in Brabant. Met een beetje fantasie lijkt het net of de zon schijnt achter de wolken ;-).



Geen opmerkingen: